Leerfasen en wat je ermee kunt

Het belang van onderstaande theorie is eigenlijk om taalcoaches te stimuleren af te wisselen in hoe ze leerstof aanbieden en dingen oefenen. Een taalmaatje zal het meest leren wanneer we alle vier van deze leerfasen gebruiken. Bij elk van de leerfasen staan tips hoe je dit in je coaching kunt toepassen.

Bron
Bij het leren kunnen we 4 fasen doorlopen die elkaar heel logisch opvolgen. Bijv. Je maakt iets mee (ervaring). Daarna denk je over je ervaring na (reflectie). Je probeert het te begrijpen en veralgemeniseren (een aanpak bedenken voor de volgende keer; conceptualiseren). Die breng je in de praktijk (actief experimenteren). Daarmee doe je weer een ervaring op en zo blijf je cyclisch leren.

Als we alle 4 doorlopen dan leren we het best. Slaan we een stap over, dan leren we het minder goed.

Molen van het leerproces

Taal, Houding en Kennis. Je taalmaatje leert het meest en het best wanneer je alle 3 behandelt. Ze versterken elkaar en het leerproces.

Om een voorbeeld te geven.
Als je taalmaatje naar de supermarkt wil moet hij
  1. Taal (Hoe zeg ik het)
    De woorden kennen voor de spullen die hij wil kopen.
    Weten hoe hij in het Nederlands iemand om hulp kan vragen als hij bijv. iets niet kan vinden.
    Weten hoe je iemand begroet en bedankt.
    Etc
  2. Houding (Hoe gedraag ik mij)
    Weten wat je met je boodschappen doet terwijl je nog in de winkel bent.
    Weten hoe je iemand om hulp kan vragen (kuchen, iemand op de schouder tikken, gewoon vragen).
    Als je iets stuk maakt

Hoe vergroot ik mijn woordenschat

Op Hoedoe.nl geeft Bastienne Wentzel 7 tips voor het vergroten van je woordenschat. Hoewel zij schrijft voor Nederlandstalige mensen, zijn haar ideeen ook goed voor Anderstalige mensen. Ik heb haar ideeën hier aangepast.

1. Lees!
Hoe meer je leest, hoe meer woorden je tegenkomt. En omdat ze in context staan begrijp je de betekenis beter.
Lees suggestie: kranten en artikelen in eenvoudig nederlands

2. Maak je eigen woordenlijst.
Gebruik bijv. Quizlet (online flitskaarten) om woorden die je in het dagelijks leven tegenkomt / leert

Tips om woordjes te leren


Er zijn heel veel technieken online en in boeken te vinden over het memoriseren van woorden en feiten.
In het plaatje hieronder wordt dit alles prachtig samengevat.
Hoe meer ingangen je benut, hoe sterker het in je hersenen verankerd wordt en weer gevonden kan worden.

Hersenen
* Rechts-Links: verbind visueel met het talige. Bijv. plaatjes, kleurtjes, verbeelding.
* Humor: kun je er iets grappigs bij verzinnen? of er iets grappigs van maken?
* Je onthoud meer als je ontspannen bent, je je goed voelt en er vertrouwen in hebt.

Associatie - Verbeelding
* Denk aan een ander woord dat in klank lijkt op het woord dat je wilt leren. Bijv. Het Spaanse woord 'niño' (jongen) en 'niña' (meisje) lijken op het Nederlandse woord 'ninja'. Ik zie een stel kinderen verkleed als ninja's rondrennen en elkaar besluipen.
* Verbind het nieuwe woord aan gekke beelden, plaatjes, woorden in je eigen taal. Eigenlijk geldt: